Salade met vijgenAI-foto

Salade met vijgen

Frisse salade met vijgen, rucola, prosciutto en zachte geitenkaas, afgewerkt met krokante broodcroutons.

Porties: 4 Voorbereiding 10 min Salades
Bevat: gluten, melk
Labels worden automatisch bepaald op basis van de ingrediënten en kunnen onjuist zijn. Controleer de verpakking als dit voor jou belangrijk is.

Ingrediënten

Salade met vijgen — ingrediënten: Vijgen, Rucola, Prosciutto, Zachte geitenkaas, Brood, Olijfolie

Stappen

  1. Was de rucola grondig onder stromend water en droog deze met een slacentrifuge.

  2. Leg de rucola in een slakom en voeg de prosciutto toe, eerst ontdaan van het vet en in dunne reepjes gesneden.

  3. Schil de vijgen, snijd ze in plakjes en voeg ze toe aan de salade.

  4. Snijd de zachte geitenkaas in kleine blokjes en voeg deze toe aan de salade met rucola en vijgen, en roer om.

  5. Rooster drie sneetjes brood en snijd ze vervolgens in blokjes.

  6. Verwarm olijfolie in een pan, voeg de broodblokjes toe en bak ze goudbruin en krokant.

  7. Voeg het gebakken brood toe aan de salade en breng op smaak met zout en zwarte peper.

Dit is geen gerecht dat gaart, dit is een gerecht dat je opbouwt. Niets op het vuur behalve wat brood even krokant mag worden, en de rest is kwestie van goede onderdelen naast elkaar leggen. Zo'n salade leeft of sterft bij de kwaliteit van drie dingen: hoe rijp de vijg is, hoe zout en vet de prosciutto is, en hoe scherp de rucola nog bijt. De kok doet hier weinig, de boer en de slager hebben het meeste werk al gedaan.

Waar het dus van afhangt is niet een timer maar je neus en je vingers bij de vijg. Een vijg die klaar is om gegeten te worden geeft een beetje mee als je er zacht in knijpt, bij de steel. Is hij hard als een pruim die nog moet rijpen, dan proef je vooral iets groen en wrang, en dat redt geen enkele hoeveelheid olijfolie. Sommigen zeggen dat een vijg zoeter wordt als je hem laat liggen na aankoop. Nee, want een vijg rijpt nauwelijks door nadat hij geplukt is, hij wordt hoogstens zachter en gaat sneller rotten. Koop hem dus al rijp, of eet er iets anders bij die dag.

Het enige echte "gaarpunt" in deze salade is het brood. Je zet de blokjes in de olie en je wacht tot de buitenkant goudbruin wordt en een beetje weerstand biedt onder je vingernagel, dat betekent dat het vocht binnen eruit is gekookt en de buitenkant krokant is gebakken. Te vroeg van het vuur en je hebt zachte, vette broodblokjes die binnen een minuut papperig worden in de olie die ze net geabsorbeerd hebben. Dat voorkom je door te wachten op de kleur, niet op een kloktijd.

De rucola is het scherpe tegenwicht, het zuur zonder citroen. Hoe groter en donkerder de blaadjes, hoe pittiger en bitterder de smaak wordt, dus als je liever iets milders hebt, zoek dan de jongere, kleinere bladeren. Heb je geen rucola, dan werkt waterkers met een vergelijkbaar scherp randje, of een flinke hand veldsla als je het rustiger wil.

De prosciutto geeft zout en vet, en dat vet is precies waarom je het van te voren goed moet ontdoen van het harde randje rondom. Dat harde vet smelt niet in een koude salade, het blijft een stug stukje rubber tussen je tanden, en dat is de echte reden om het weg te snijden, niet uit zuinigheid op calorieën. Heb je geen prosciutto in de koelkast, elke rauwe of luchtgedroogde ham met een beetje zout karakter kan de rol overnemen. Spek bakken en erbij strooien is een andere richting, lekker genoeg, maar dan verander je het gerecht, dat is geen vervanging meer maar een ander idee.

De geitenkaas moet zacht genoeg zijn om in blokjes te blijven zonder uit te vloeien tot een smeersel, maar niet zo koud dat hij kruimelt als krijt. Even op kamertemperatuur laten komen voor je hem snijdt helpt. Zonder geitenkaas kan een romige feta het zuur-zoute tegenwicht geven, net een andere kant op qua smaak, maar het principe blijft hetzelfde: iets zachts en zouts tussen het zoete en het scherpe.

Het brood voor de croutons hoeft niet vers te zijn, oud brood van de dag ervoor is eigenlijk beter, het zuigt minder olie op en wordt sneller krokant omdat het al droger is. Dat is ook precies waarom brood roosteren en in olie bakken van oudsher bestond, niet om chic te doen maar om brood dat anders hard en oninteressant zou worden alsnog nuttig te maken. Zo'n Nederlandse keuken met brood als vast onderdeel van ontbijt en lunch heeft meestal toch een restje liggen, dus dit is in feite een gerecht dat zuinig omgaat met wat er al is.

Voor het bakken van de broodblokjes is een normale koekenpan op een gewoon fornuis ruim voldoende, je hebt geen grote hitte van een professioneel fornuis nodig, alleen de olie moet heet genoeg zijn om meteen te sissen als het brood erin gaat. Is de pan te vol met blokjes, dan stomen ze elkaar in plaats van te bakken, dus werk in een laag die de bodem van de pan maar half bedekt als je pan klein is, en bak in twee keer als dat nodig is.

Zout en peper komen op het eind, niet eerder, want de vijg en de geitenkaas brengen elk al hun eigen zoet en zout mee, en je proeft pas aan het eind wat het geheel nog nodig heeft. Geduld hier zit niet in wachten, het zit in de volgorde: eerst alles los opbouwen, dan pas roeren en proeven, zodat je niet halverwege een laagje smaak overheerst die je daarna niet meer terugdraait.

Dit recept rapporteren hello@fridge.menu