AardappelgâteauAI-foto

Aardappelgâteau

Een hartige aardappeltaart met mozzarella, gerookte scamorza en Parmezaanse kaas, gebakken tot een gouden korst.

Porties: 4 Bereidingstijd 85 min Bijgerechten
VegetarischBevat: gluten, melk, eieren
Labels worden automatisch bepaald op basis van de ingrediënten en kunnen onjuist zijn. Controleer de verpakking als dit voor jou belangrijk is.

Ingrediënten

Aardappelgâteau — ingrediënten: Aardappel, Eieren, Mozzarella, Gerookte scamorza, Olijfolie, Parmezaanse kaas

Stappen

  1. Was de aardappelen en kook ze in een brede pan, volledig onder water, minstens 45 minuten tot ze zacht zijn.

    45 min
  2. Bereid de mozzarella voor: laat het vocht uitlekken, snijd in kleine stukjes en laat uitlekken in een vergiet.

  3. Giet de gare aardappelen af, laat ze afkoelen en schil ze.

  4. Pureer de aardappelen met een aardappelpers in een grote kom.

  5. Voeg de eieren, zout en zwarte peper toe aan de aardappelpuree en meng goed.

  6. Voeg de mozzarella en de in blokjes gesneden scamorza toe en meng tot een gelijkmatige massa.

  7. Vet een rechthoekige ovenschaal in met olijfolie en bestrooi met paneermeel.

  8. Schep het aardappel-kaasmengsel in de vorm en strijk glad met een lepel of spatel.

  9. Bestrooi met Parmezaanse kaas en bak in een voorverwarmde oven op 180 graden gedurende 30 minuten.

    30 min
  10. Laat de gâteau even afkoelen en serveer op kamertemperatuur.

Dit is in feite een aardappelpuree die zo stevig en rijk is gemaakt dat hij zijn vorm houdt als taart: gâteau di patate, zoals ze hem in Napels en omstreken bakken. Geen cake dus, ondanks de naam — gewoon aardappel, ei en kaas, zo gestapeld dat er een korst omheen komt en een smeltende binnenkant blijft. Het hele gerecht draait om één ding: hoe droog is je puree voordat de kaas erbij komt.

Aardappel is van nature nat. Kook je hem, dan zit er water in de cellen en nog water eromheen. Een gewone puree mag dat water houden, die wordt er juist soepel van. Deze gâteau mag dat niet: te veel vocht en de massa zakt in de oven uit tot een plas in plaats van dat hij een snee blijft. Daarom staat er niets over melk of boter in dit recept, en daarom is dat geen vergissing maar het hele punt — het ei bindt, en voor de rest moet de aardappel zelf droog genoeg zijn om dat te kunnen.

Wat de gâteau dus wordt, hangt af van drie dingen: hoe droog de gekookte aardappel is als je hem perst, hoe goed de mozzarella is uitgelekt, en hoe lang je hem laat staan voor je snijdt. Mis je een van die drie, dan krijg je nog steeds iets eetbaars, maar geen snee die rechtop blijft staan op het bord.

De aardappel zelf: neem een kruimige soort, zoals je ook voor puree zou pakken, en geen vastkokende salade-aardappel. Kruimig betekent veel zetmeel en relatief weinig water, en dat zetmeel is precies wat straks de boel bij elkaar houdt zodra het afkoelt. Kook ze heel, in de schil, onder water — dat is geen gewoonte om het mooi te houden, maar om te voorkomen dat de aardappel zelf nog meer water opneemt terwijl hij gaart. Gaar is hier niet een kwartier of drie kwartier, gaar is: een mes of vork gaat er zonder weerstand doorheen, tot in het midden. Zijn de stukken klein, dan kan dat sneller dan de 45 minuten die hier als ondergrens staat; zijn ze groot, reken dan op meer, en controleer gewoon.

Daarna de twee stappen die vaak over het hoofd gezien worden omdat ze saai lijken: afkoelen vóór het pureren, en de mozzarella eerst laten uitlekken. Warme aardappel pureer je makkelijker, maar warme aardappel geeft ook makkelijker die rubberachtige, lijmerige puree als je te veel roert — iets afkoelen voorkomt dat. En de mozzarella lekt vocht af dat, als het erin blijft, precies het vocht toevoegt dat je er met zoveel moeite uit perste. Een vergiet en een kwartiertje geduld, meer is het niet, maar sla je het over dan zie je het resultaat pas in de oven, als het te laat is.

Mozzarella en scamorza affumicata zijn hier geen toeval naast elkaar: de ene smelt zacht en vloeiend, de andere — gerookt, iets steviger van structuur — geeft rokerigheid en wat meer weerstand, zodat de binnenkant niet één egale smeltmassa wordt maar iets met bite. Heb je geen scamorza, kies dan iets met dezelfde twee eigenschappen: een halfharde, smeltende kaas met een duidelijke eigen smaak, bijvoorbeeld een belegen goudse type dat niet te droog is. Mozzarella zelf vervang je door criterium "vochtige, milde smeltkaas" — een jonge, zachte kaas die weinig zout eigen smaak heeft, zodat de Parmezaanse kaas en de scamorza de hoofdrol houden.

Parmezaanse kaas zit op twee plekken in functie: een deel erin voor zout en diepte, de bovenlaag erop voor de korst. Die korst is waar de oven zijn werk doet — 180 graden is hier niet heilig, het is de temperatuur waarbij kaas en paneermeel bruinen zonder te verbranden voor de binnenkant warm genoeg is. Een huishoudoven verwarmt zelden helemaal gelijkmatig; staat jouw bovenkant sneller bruin dan je zou willen, zet de schaal dan iets lager, of dek even af. Dertig minuten is de ondergrens, het teken is de korst: goudbruin, niet grijsbleek maar ook niet zwartgerand.

Een mythe die hier echt in de weg zit: sommigen denken dat je zo'n gâteau meteen uit de oven moet aansnijden, heet en dampend, om er het meeste van te hebben. Nee — juist afkoelen tot kamertemperatuur is wat het zetmeel en de kaas laat opstijven tot iets dat een snee blijft in plaats van uit elkaar te vallen op het bord. Snijd je hem heet aan, dan loopt de kaas er juist uit en houd je een hoopje over in plaats van een plak. Dat is geen verlies aan smaak, eerder geduld dat hier letterlijk het laatste ingrediënt is.

Voor de Nederlandse keuken: dit is geen bijgerecht zoals de gekookte aardappel bij het avondeten hier gewend is, het vervangt die aardappel juist — serveer het als het middelpunt naast iets groens, niet ernaast als tweede zetmeel. En een gewone rechthoekige ovenschaal uit een normaal huishouden is precies wat hier gevraagd wordt, er is geen speciale vorm voor nodig.

Dit recept rapporteren hello@fridge.menu